Het Einde

Vroeger toen 'k woonde diep in 't land,
Vrat mij onstilbaar wee;
Zooals een gier de lever, want
Ik wist: geen streek geeft mij bestand,

En 'k zocht het ver op zee.
Maar nu ik ver gevaren heb
En lag op den oceaan alleen,
Waar zelfs Da Cunha en Sint-Heleen

Niet boren door de kimmen heen,
Voel ik het trekken als een eb
Naar 't verre, vaste, bruine land...
Nu weet ik:

nergens vind ik vree,
Op aarde niet en niet op zee,
Pas aan die laatste smalle ree
Van hout in zand.

Dichter(s): J.J. Slauerhoff

Locatie: Voorstreek 24, Leeuwarden, Nederland

Taal: Nederlands

Relatie met locatie: Het gedicht is geplaatst vlak bij het huis waar Slauerhoff heeft gewoond. Nu winkel Slauerhoff interieurs. Hier schreef Slauerhoff ook zijn eerste sonnetten die hij in deze tijd ook moet hebben voorgedragen. Hoewel Friesland in de poëzie die hij later schrijft – in de jaren dat hij de wereld overgaat als scheepsarts – een enkele keer voorkomt, en dan meestal niet al te positief, zou kunnen gelden wat Slauerhoffs Groninger collega Hendrik de Vries over hem schreef, namelijk dat er “ondanks alle cosmopolitisme, iets van de vochtige weemoed van Friesland in zijn verzen blijft zweven”.

Initiatiefnemer: Het gedicht maakt deel uit van een vijftigtal poëzietegels in de Leeuwarder binnenstad.

Opmerkingen of wetenswaardigheden: Jan Jacob Slauerhoff (Leeuwarden, 1898 – Hilversum, 1936) werd geboren aan de Voorstreek 33 in een uit Duitsland geëmigreerde familie. In 1906 verplaatste zijn vader, die een stoffeerderij had, zijn bedrijf naar de overkant en hier – Voorstreek 26 – woonde de ‘Rimbaud van Leeuwarden’ langer dan hij ooit ergens anders zou wonen: tot 1916 toen hij in Amsterdam medicijnen ging studeren. Hij bezocht dezelfde HBS op het Zaailand als Simon Vestdijk, die een klas lager zat.

Naam invuller: Melvin van Eldik

Vind je dat er informatie over dit gedicht ontbreekt? Stuur een mail naar info@straatpoezie.nl met de titel en locatie van het gedicht en de aanvullende informatie.